Knaldrang anno nu
- Lois van Kaathoven

- 11 minuten geleden
- 3 minuten om te lezen
Waarom vertragen juist belangrijk is wanneer het stroomt
Afgelopen week plaatste ik een post waarin ik schreef dat ik uit elkaar knal van de energie.
Zo’n gevoel dat je niet helemaal kunt uitleggen, maar wel herkent in alles wat er gebeurt. Ideeën die samenkomen. Gesprekken die ergens naartoe lijken te bewegen.
Dingen die ineens logisch op hun plek vallen. Alsof er een vuurtje is aangewakkerd wat blijft branden.
De afgelopen weken klap ik zo’n beetje uit elkaar. Positef, omdat ik voel dat ik op het juiste pad zit. Dat er iets aan het ontstaan is waar ik al een tijd naartoe beweeg. Het is enthousiasme wat me niet laat stoppen.
En dit is precies het moment waarop ik alert moet worden.
Ik wil mezelf zeker niet afremmen, maar ik moet wel doseren. Anders schiet ik door het plafond heen. Dan voel ik niet meer goed. Dan check ik niet meer in.
Juist op deze momenten is vertragen zó belangrijk.
Want juist nu ligt er een risico op de loer. Wanneer je voelt dat je energie hebt, dat er beweging is, dat dingen lukken… dan is de verleiding groot om alleen nog maar harder te gaan.
Gas erop.
Doorgaan.
Nog meer ideeën uitvoeren.

Ergens zit dat ook een beetje in mij. Wanneer iets me enthousiast maakt, kan ik gaan als een raket. Mijn moeder zegt altijd: “Wat zij in haar kop heeft, heeft ze niet in haar kont.”
Een beetje een vreemde uitspraak misschien, maar wel zo waar.
Toch merk ik dat ik daar tegenwoordig anders mee omga.
Deze week bijvoorbeeld. Mijn agenda zit voller dan ik gewend ben. Ik hop van afspraak naar afspraak en ergens halverwege de week zei ik tegen Kevin:
“Eigenlijk ben ik heel blij dat dit niet meer mijn normaal is, maar ik wil ook echt niet meer dat dit mijn normaal wordt.”
Vroeger was dit namelijk precies hoe mijn leven eruitzag. Altijd onderweg. Altijd iets te doen. Altijd een volgende afspraak.
Toen dacht ik dat dat gewoon bij een ambitieus en jong leven hoorde.
Totdat mijn lichaam uiteindelijk een andere grens aangaf.
Het verschil met nu is dat ik het eerder voel. Ik signaleer het en neem het ook serieus. Misschien nog wel het allerbelangrijkste: serieus nemen wat je signaleert.
Ik merk sneller wanneer mijn energie begint te verschuiven. Wanneer mijn hoofd vol raakt. Wanneer mijn lichaam eigenlijk even wil vertragen.
Energie heeft namelijk ook onderhoud nodig. En dat onderhoud zit voor mij tegenwoordig in kleine momenten.
Ik neem bewuster de tijd om in te tunen bij mezelf. Soms groot, soms klein.
Bijvoorbeeld wanneer ik onder de douche sta en de tijd neem om mezelf rustig te wassen. Niet gehaast, hop hop. Maar bewust. Aanraking, ademen, voelen hoe het warme water op mijn huid komt. Maar ook:
Wanneer ik reiki op mezelf doe.
Wanneer ik de tijd neem om even bewust adem te halen.
Wanneer ik wandel en mijn voeten echt voel op de grond.
Wanneer ik op een stoel zit en mijn billen en benen bewust in de stoel laat wegzakken.
Wanneer ik mijn ogen even sluit voor een moment.
Het zijn geen grote rituelen.
Het zijn kleine momenten van inchecken. Iedere dag. Altijd anders.
Even voelen waar ik sta.
Even checken: mag ik zo doorgaan, of heb ik iets anders nodig?
Voor mij is dat de manier geworden om niet door te schieten.
Want zelfs wanneer iets positief is, zelfs wanneer het stroomt, zelfs wanneer je voelt dat je ergens naartoe beweegt… kun je nog steeds jezelf voorbijrennen.
En misschien is dat wel de grootste les van de afgelopen jaren.
Vertragen is niet alleen nodig wanneer het leven zwaar voelt.
Het is misschien nog wel belangrijker wanneer het juist goed gaat.
Wanneer je energie hebt.
Wanneer dingen beginnen te werken.
Wanneer je voelt dat je op het juiste pad zit.
Want precies dan wil je het niet weer verliezen door alleen maar harder te gaan.
Dus ja.
Er zit energie in mijn leven op dit moment. Er is beweging. Er ontstaan mooie dingen.
Maar juist daarom blijf ik mezelf eraan herinneren:
Niet alleen bewegen. Maar blijven voelen terwijl ik beweeg.



Opmerkingen